Taxateur mag uitgaan van opdracht advocaat

Dossiernummer: 20190125
Datum uitspraak: 18 juli 2019

In deze klacht zijn drie personen gezamenlijk eigenaar van een woning. Er ontstaat onenigheid over de verdeling en de rechtbank bepaalt dat er een taxatie moet komen. De advocaat van twee eigenaars verstrekt de opdracht aan de Register-Taxateur. De derde eigenaar kan zich niet vinden in het taxatierapport en de uitkomsten en dient een klacht in.

Klacht
De klacht bestaat uit zeven onderdelen. Klager vindt onder meer de getaxeerde waarde te laag en wijst op de snelle verkoop van een woning in de straat voor ruim 40% meer dan de getaxeerde waarde in het bestreden rapport. Ook stelt klager dat de taxateur eerder betrokken was bij een taxatie van het object. De gebruiksoppervlakte is lager dan vermeld in het WOZ-waardeloket en de WOZ-waarde is hoger dan de getaxeerde marktwaarden.

Een aantal feitelijke klachtonderdelen worden niet gevolgd. De Register-Taxateur heeft een volledige taxatie uitgevoerd, heeft de woning opgenomen en een volledig taxatierapport opgemaakt. Van de gebruikte referentiepanden is een uitgebreide analyse opgesteld, zodat te volgen is hoe de taxateur tot zijn waardering is gekomen.

Uitspraak rechter opvragen
Volgens klager is de opdracht van de rechter niet goed uitgevoerd. Het taxatierapport is verricht in opdracht van 2 eigenaars en niet in opdracht van alle 3 de eigenaars. Ook had het taxatierapport een bindend advies moeten zijn. De register-taxateur had dat kunnen weten als hij de uitspraak van de rechter had opgevraagd.

Dat verwerpt het Tuchtcollege. De verantwoordelijkheid van een register-taxateur die een opdracht ontvangt via de advocaat van zijn opdrachtgevers, gaat niet zover dat deze een rechterlijke uitspraak zelf moet opvragen om na te gaan of de advocaat de juiste opdracht heeft verstrekt.

Slordigheid
Wel vindt het Tuchtcollege dat het de Register-Taxateur had moeten opvallen dat er een extra perceel ook van dezelfde eigenaars was. Dat is nu buiten de taxatie gebleven. Hij had dit moeten opmerken en hierover navraag moeten doen bij de opdrachtgevers. Dat is een slordigheid, die de taxateur had moeten voorkomen. Maar nu dat perceel geen onderdeel was van de opdracht, is dit onvoldoende om aan te merken als een tuchtrechtelijk verwijt.

De klacht is ongegrond.