Belediging van een ambtenaar in functie: onprofessioneel gedrag
Dossiernummer: 25065
Datum uitspraak: maandag 19 januari 2026
De taxateur treedt op in WOZ-bezwaarprocedures. Daarbij maakt de taxateur tijdens hoorzittingen gedurende langere tijd beledigende opmerkingen over een ambtenaar van de gemeente. De ambtenaar dient een klacht in, en voert aan dat de taxateur zich herhaaldelijk onprofessioneel, beledigend en intimiderend heeft uitgelaten jegens hem. De taxateur noemde hierbij de ambtenaar “de grootste misdadiger van [regio]”, beticht hem van “schofterig gedrag” en er worden vergelijkingen gemaakt met de tweede wereldoorlog. Ook andere meldingen bevestigen een patroon van grensoverschrijdend gedrag en werpen twijfels op over de professionele integriteit van de taxateur. Dat schaadt niet alleen de betrokken ambtenaar, maar tast ook het vertrouwen in het WOZ-proces en het (taxatie)vak aan.
De taxateur voert aan dat juist het handelen van de ambtenaar hem al jarenlang sterk belemmerd in zijn werk als deskundige en taxateur. Dat werk in het kader van de WOZ, is van groot maatschappelijk belang. De taxateur erkent dat hij de aantijgingen heeft geuit. Hij benadrukt dat zijn bedoeling niet was om klager persoonlijk te beledigen. Hij vindt dat van hem, op grond van artikel 8.3 van het Reglement Gedrags- en Beroepsregels (RGB), een kritisch-professionele houding wordt gevraagd. Zijn opmerkingen zijn een kritisch beoordeling van het handelen van de ambtenaar, omdat dit in directe samenhang staat met de belangen van zijn cliënten en de juistheid van de WOZ-waarde.
Het tuchtcollege gaat eerst in op de ontvankelijkheid, omdat de klacht niet ziet op een professionele taxatiedienst. Professioneel gedrag (artikel 8 RGB) is echter onderdeel van de fundamentele beginselen. Dan is tuchtrechtelijke toetsing mogelijk als de gedraging van invloed is op de uitoefening van de functie van Register-Taxateur, alsmede de reputatie van het vakgebied (afstralen op het beroep). Daarom kan het tuchtcollege de klacht in behandeling nemen.
Op grond van artikel 8.1 van het RGB onthoudt de Register-Taxateur zich van elk handelen of nalaten waarvan hij weet of behoort te weten dat dit het beroep van taxateur in diskrediet brengt of kan brengen en aldus een weerslag heeft op de uitoefening van de functie van taxateur. Naar het oordeel van het tuchtcollege heeft de taxateur, door het doen van deze uitlatingen, zich niet gehouden aan het fundamentele beginsel van professioneel gedrag.
De taxateur heeft verwezen naar artikel 8.3 van het RGB om te benadrukken dat het ging om een professioneel kritische instelling. Dit verweer slaagt niet. Dat artikel ziet op een kritische instelling ten opzichte van collega-taxateurs. Daarbij kan het tuchtcollege de taxateur niet volgen in zijn verweer dat de uitlatingen steeds gericht waren op verbetering van het proces. De uitspraken zijn op de persoon gericht en niet aan te merken als opbouwende kritiek.
De door de taxateur in zijn verweerschrift gegeven verklaring voor het doen van de uitspraken rechtvaardigt het gedrag dus niet. Een Register-Taxateur dient zich te allen tijde te onthouden van uitspraken die als denigrerend opgevat kunnen worden.
De klacht is daarom gegrond en aan de taxateur wordt een waarschuwing opgelegd.
Terug naar overzicht