Geen verwijt voor taxateur na geveltaxatie bijzonder beheer

Dossiernummer: 26036

Datum uitspraak: dinsdag 14 juli 2026

De klacht betreft de taxatie van een woning in het kader van bijzonder beheer. De eigenaar van het object stelt dat de taxatie onjuist is en dat deze was bedoeld om een veiling van de woning te rechtvaardigen, omdat de vastgestelde executiewaarde vrijwel gelijk was aan zijn restschuld. Volgens hem is het object ten onrechte als woning gekwalificeerd, sluit de executiewaarde niet aan bij eerdere biedingen en heeft geen volledige inpandige opname plaatsgevonden. Daarnaast besteed het rapport volgens hem onvoldoende aandacht aan mogelijke risico’s rondom vergunningen en gemeentelijke handhaving.

De taxateur voert aan dat het object feitelijk de kenmerken van een woning bezit en ook als zodanig wordt gebruikt. Verder licht hij toe dat sprake is van een geveltaxatie op uitdrukkelijk verzoek van de opdrachtgever. De executiewaarde is volgens hem vastgesteld aan de hand van ervaringscijfers, aangezien er nauwlijks openbare informatie over geveilde objecten beschikbaar was. Ten aanzien van de vergunningkwestie verklaart de taxateur dat deze omstandigheden hem ten tijde van de taxatie niet bekend waren.

Het tuchtcollege toont begrip voor de moeilijke situatie waarin klager verkeerde vanwege het conflict met de bank en de mogelijke gevolgen daarvan, maar overweegt dat een taxateur zich daardoor niet mag laten beïnvloeden en ziet geen aanwijzingen dat daarvan in dit geval sprake is. Het college stelt vast dat de taxateur het object aan de buitenzijde heeft opgenomen, zijn bevindingen heeft verwerkt in een volledig taxatierapport en de waardering heeft onderbouwd met referentieobjecten. Het college volgt het standpunt van de taxateur dat het object, gelet op de feitelijke bewoning en kenmerken ervan, terecht als woning is gekwalificeerd. Ook acht het college de onderbouwing van de vermoedelijke verkoopopbrengst bij executieveiling voldoende. Dat een andere taxateur later tot een andere waardering is gekomen, betekent volgens het college niet dat de oorspronkelijke taxatie onjuist is. Verder mocht de taxateur, gelet op de instructies van de opdrachtgever, volstaan met een geveltaxatie.

De klacht wordt in al haar onderdelen ongegrond verklaard.


Terug naar overzicht