Gegronde klacht over taxatie in 2023 van woning met waardepeildatum in 1994

Dossiernummer: 25096

Datum uitspraak: woensdag 18 maart 2026

In deze zaak heeft een taxateur in 2023 de marktwaarde van een woning bepaald met een waardepeildatum in 1994. De opdracht was verstrekt in het kader van de afwikkeling van een nalatenschap. Klaagster, voormalig eigenaar van de woning, betwijfelde de juistheid en zorgvuldigheid van het rapport. Zij voert aan dat de woning na 1994 ingrijpend is verbouwd, dat het rapport innerlijk tegenstrijdig is over de bouwkundige staat en dat de waardering onvoldoende is onderbouwd.

Klaagster stelt dat de taxateur onvoldoende rekening heeft gehouden met het verschil tussen de toestand van de woning in 1994 en die na de verbouwing in 1997/1998. Ook wijst zij erop dat in de bouwkundige opnamestaat op meerdere onderdelen “niet waarneembaar” is vermeld, terwijl in het totaalbeeld van de woning toch de kwalificatie “redelijk” is opgenomen. Verder bestaat de onderbouwing volgens haar slechts uit een terugrekening vanaf een verkoopprijs in 1997 met gebruik van indexcijfers van CBS en NVM.

De taxateur voert aan dat hij de waardering juist heeft gebaseerd op de verkoopprijs in 1997 vóór de verbouwing en die met indexcijfers heeft teruggerekend naar 1994. Daarom is volgens hem geen sprake van waardering op basis van de latere verbouwde staat. De kwalificatie van de bouwkundige staat heeft hij, naar eigen zeggen, gebaseerd op zijn herinnering aan de woning in 1994.

Het tuchtcollege oordeelt dat een Register-Taxateur vooraf moet bepalen of sprake is van een professionele taxatiedienst of van specifiek overeengekomen werkzaamheden. Als wordt gekozen voor een professionele taxatiedienst, moet het taxatierapport voldoen aan de daarvoor geldende eisen. Dat is hier niet het geval. Essentiële informatie ontbreekt, waaronder een deugdelijke onderbouwing van de waarde. Het college oordeelt dat de taxateur met alleen een verkoopprijs uit 1997 en enkele indexcijfers geen taxatierapport kon en mocht opstellen. Ook is niet onderzocht of die verkoopprijs overeenkwam met de marktwaarde in 1997. Dat klachtonderdeel is gegrond. Het verwijt dat de latere verbouwing is meegenomen is ongegrond, omdat die verbouwing heeft plaatsgevonden in 1997 wat na de waardepeildatum 1994 ligt. Het klachtonderdeel over de tegenstrijdigheid in de rapportage over de bouwkundige staat is wel gegrond. Het tuchtcollege legt de taxateur een berisping op.


Terug naar overzicht