Gestripte woning in onbewoonbare staat vergeleken met bewoonbare referenties: verschillen onvoldoende duidelijk verwerkt
Dossiernummer: N26029
Datum uitspraak: maandag 29 juni 2026
De zaak betreft een taxatierapport van een woning in vergaande staat van verbouwing, beoordeeld in het kader van doorlopend toezicht. De klacht ziet op het ontbreken van een inzichtelijke en controleerbare onderbouwing van de marktwaarde en gehanteerde uitgangspunten. Daarbij wordt onder meer aangevoerd dat de taxateur de woning in gestripte en onbewoonbare staat heeft vergeleken met bewoonbare referentiewoningen zonder duidelijk te maken hoe deze verschillen zijn verwerkt. Daarnaast zijn de bouwkundige en energetische opnamestaat op onderdelen onjuist of onvolledig ingevuld, ontbreken duidelijke en controleerbare uitgangspunten voor de verbouwingskosten en zijn de meetgegevens en het gebruiksoppervlak inconsistent weergegeven. Ook ontbreekt het bewijs dat de taxateur de afmetingen zelf heeft vastgesteld.
De taxateur voert aan dat hij vanwege het ontbreken van geschikte vergelijkingsobjecten bewust is uitgegaan van een bewoonbare woning. Ook de bouwkundige en energetische opnamestaat is volgens hem op dit uitgangspunt gebaseerd. Ten aanzien van de verbouwingskosten voert de taxateur aan dat hij is uitgegaan van informatie die door de opdrachtgever is verstrekt. Verder geeft hij aan dat de woning ter plaatse is ingemeten en dat eventuele afwijkingen in het rapport kunnen worden verklaard door enkele slordigheden in de verslaglegging.
Het tuchtcollege stelt vast dat het rapport feitelijke onjuistheden en onvoldoende toegelichte aannames bevat, waardoor de totstandkoming van de waarde onvoldoende inzichtelijk en navolgbaar is. Hoewel het tuchtcollege begrijpt dat de taxateur vanwege het ontbreken van passende referenties heeft gekozen voor een benadering met bewoonbare objecten, oordeelt het dat deze keuze en de gevolgen daarvan expliciet en controleerbaar hadden moeten worden uitgewerkt. Daarnaast stelt het tuchtcollege vast dat verbouwingskosten moeten worden gebaseerd op marktconforme uitgangspunten en dat niet blijkt dat de taxateur deze kosten heeft getoetst. Ook leiden onduidelijkheden in het gebruiksoppervlak en de verwerking van bijgebouwen ertoe dat de waardering niet controleerbaar is. Daarmee heeft de taxateur niet voldaan aan de eisen van zorgvuldigheid en transparantie.
De klacht wordt gegrond verklaard en het tuchtcollege legt de maatregel van waarschuwing op.
Terug naar overzicht