In hoger beroep geen nieuwe klachtonderdelen mogelijk, hoger beroep verworpen

Dossiernummer: 25027HB

Datum uitspraak: maandag 02 februari 2026

Uitspraak in eerste aanleg: Klager teleurgesteld over waarde, maar rapport voldoet aan de regels

In eerste aanleg is de klacht ongegrond verklaard. Klager stelt hoger beroep in.

Klager voert hierbij onder meer aan dat er ten onrechte verwezen is naar marginale toetsing van de waardering. Ook vindt klager dat onderhoud een rekbaar begrip is. Daarnaast verwijt klager de taxateur dat er geen gelegenheid is gegeven te reageren op een conceptrapport.

De taxateur stelt dat de door klager genoemde investeringen relatief beperkt zijn en niet duiden op een hoogwaardig of recent kwaliteitsniveau. Deze verbeteringen waren derhalve niet waarderelevant op de peildatum.

Het tuchtcollege heeft in eerste aanleg reeds vastgesteld dat de taxateur in redelijkheid tot de marktwaarde heeft kunnen komen, daarbij de vereiste zorgvuldigheid, objectiviteit en transparantie heeft betracht en geen evident onjuiste uitgangspunten heeft gehanteerd.

Het tuchtcollege overweegt dat de klacht over het niet delen van de conceptrapportage nieuw is, in die zin dat deze klacht niet in eerste aanleg naar voren is gebracht. In hoger beroep kunnen slechts die klachten aan de orde worden gesteld waarover in eerste aanleg (gedebatteerd en) geoordeeld is. Het hoger beroep leent zich er niet voor om nieuwe klachten – d.w.z. klachten die niet in eerste aanleg opgeworpen zijn – te laten beoordelen. Aan de (nieuwe) klacht over het niet delen van het conceptrapport wordt in dit hoger beroep dan ook voorbijgegaan.

Met betrekking tot de in hoger beroep overgelegde (aanvullende) stukken betreffende de aangebrachte verbeteringen, geldt dat het tuchtcollege het verweer in hoger beroep van de taxateur kan volgen. Uit de stellingen van klager in hoger beroep en de daarbij overgelegde (aanvullende) stukken volgt naar het oordeel van het tuchtcollege niet dat de beoordeling in het taxatierapport van de staat van onderhoud van de woning onvoldoende navolgbaar of onvoldoende zorgvuldig is. Dit is dus geen reden om tot een ander oordeel te komen dan in de bestreden uitspraak besloten ligt.

Voor het overige overweegt het tuchtcollege in hoger beroep dat hetgeen klager in hoger beroep heeft aangevoerd, onvoldoende aanleiding is om in hoger beroep tot een ander oordeel dan het oordeel van het tuchtcollege in eerste aanleg te komen.

Het hoger beroep wordt dan ook verworpen.


Terug naar overzicht