Onjuiste objectkwalificatie en ontbrekende gebreken ondermijnen navolgbaarheid taxatie
Dossiernummer: 26028
Datum uitspraak: vrijdag 05 juni 2026
De zaak betreft een taxatierapport van een woning dat is opgesteld in het kader van een echtscheiding. Klager stelt dat het rapport meerdere gebreken bevat. Zo is de woning ten onrechte als vrijstaand gekwalificeerd, terwijl sprake is van een fysieke verbondenheid met een naastgelegen bedrijfsruimte. Daarnaast is zichtbare scheurvorming in de vloeren niet vermeld, terwijl dit een waardedrukkend effect kan hebben. Tot slot wordt aangevoerd dat het object feitelijk als bedrijfswoning had moeten worden aangemerkt en dat de taxateur zijn bevoegdheid daarvoor onvoldoende heeft toegelicht.
De taxateur voert aan dat hij de woning conform de opdracht en gangbare definities als vrijstaand heeft beoordeeld en verwijst daarbij naar externe bronnen. Ten aanzien van de scheuren stelt hij dat deze tijdens de opname zijn besproken en dat hem is medegedeeld dat herstel onder garantie zou plaatsvinden, waardoor hij deze niet in het rapport heeft opgenomen. Verder stelt hij dat uitsluitend het woongedeelte is getaxeerd en dat dit als woning is bestemd en gebruikt, zodat geen sprake is van een bedrijfswoning.
Het tuchtcollege stelt voorop dat het de waardebepaling slechts marginaal toetst en beoordeelt of de taxateur zorgvuldig, objectief en transparant heeft gehandeld. Ten aanzien van de kwalificatie van de woning oordeelt het tuchtcollege dat de taxateur een onjuist uitgangspunt heeft gehanteerd. De fysieke verbinding met een ander object maakt dat de woning niet als vrijstaand kan worden aangemerkt. Ook oordeelt het tuchtcollege dat de taxateur de zichtbare scheurvorming had moeten vermelden en toelichten, ongeacht een mogelijke toekomstige herstelmaatregel. Door deze omissies is het rapport onvoldoende transparant en navolgbaar. Het tuchtcollege volgt het standpunt dat sprake zou zijn van een bedrijfswoning niet en acht dit onderdeel onvoldoende onderbouwd.
De klacht wordt gedeeltelijk gegrond verklaard, voor zover het de objectkwalificatie betreft en het niet vermelden van gebreken. Voor het overige wordt de klacht ongegrond verklaard. Gelet op de beperkte ernst en verwijtbaarheid van de tekortkomingen ziet het tuchtcollege af van het opleggen van een maatregel.
Terug naar overzicht