Klacht ook in hoger beroep ongegrond: taxateur voldoende zorgvuldig en onafhankelijk bij gerechtelijke taxatie
Dossiernummer: 25038HB
Datum uitspraak: dinsdag 14 april 2026
Uitspraak in eerste aanleg: Ondanks dat een uitgebreidere toelichting niet had misstaan, betekent dit niet dat er verwijtbaar is gehandeld
De zaak betreft een taxatie van een bijzonder object, uitgevoerd in het kader van een civielrechtelijk geschil over de verkoop van het object. In eerste aanleg klaagden klagers onder meer over de extreem lage waardering vergeleken met de WOZ-waarde, eerdere waarderingen en de marktontwikkelingen en verweten zij de taxateur dat hij zijn onafhankelijkheid had geschonden door buiten partijen om contact te hebben met de makelaar. Het tuchtcollege heeft de klachten ongegrond verklaard. Volgens het tuchtcollege had de taxateur de waarde en de gehanteerde referenties uitgebreider kunnen toelichten, maar betekent dit nog niet dat sprake is geweest van tuchtrechtelijke verwijtbaarheid. Het tuchtcollege volgt de taxateur in zijn verweer dat het contact met de makelaar zich heeft beperkt tot planning technische zaken.
Klagers kunnen zich niet met deze uitspraak verenigen en stellen hoger beroep in. Zij menen dat de beslissing van het tuchtcollege in eerste aanleg onjuist en onvolledig is en hun klachten ten onrechte zijn afgewezen.
Het tuchtcollege stelt voorop dat in hoger beroep geen nieuwe feiten of omstandigheden zijn aangevoerd en dat de beroepsgronden grotendeels een herhaling vormen van hetgeen reeds in eerste aanleg is aangevoerd. Het tuchtcollege neemt de overwegingen en conclusies uit de uitspraak in eerste aanleg over en onderschrijft deze. Het college stelt vast dat niet is gebleken van onjuiste feitelijke vaststellingen door het tuchtcollege in eerste aanleg. Dat sommige klachtonderdelen niet afzonderlijk zijn besproken, betekent niet dat deze niet zijn beoordeeld. Het oordeel dat niet is gebleken dat de taxateur niet transparant dan wel niet onafhankelijk of objectief heeft gehandeld sluit in dat de taxateur ten aanzien van de communicatie en de daarbij in acht te nemen neutraliteit niet is tekortgeschoten. Het tuchtcollege acht de overweging dat de taxateur zorgvuldig heeft gehandeld maar transparanter had kunnen zijn niet innerlijk tegenstrijdig. Niet elke onvolkomenheid kan worden aangemerkt als een tuchtrechtelijk verwijtbare gedraging. Ook ten aanzien van de planologische aannames stelt het tuchtcollege vast dat de taxateur heeft getaxeerd op basis van de geldende bestemming, met vermelding van een bijzonder uitgangspunt, hetgeen in overeenstemming is met de NRVT-regelgeving.
Het tuchtcollege verwerpt het hoger beroep en laat de ongegrondverklaring van de klacht in stand.
Terug naar overzicht