Koopgarantwoning als referentie

Dossiernummer: 20200702
Datum uitspraak: 14 april 2021

Klager vindt dat zijn woning, een zogenaamde Koopgarantwoning die wordt terugverkocht aan de woningcorporatie, te laag is gewaardeerd. Enkele maanden na de terugverkoop werd het huis van de buren door de taxateur op € 30.000 meer getaxeerd. Ook meent klager dat de taxateur in een afhankelijkheidspositie verkeert ten opzichte van de woningcorporatie. Tot slot vindt klager het vreemd dat de taxateur zelf de klachtbrief heeft beantwoord, en niet een collega.

Het Tuchtcollege overweegt – inmiddels vaste jurisprudentie – dat zij een marktwaarde alleen marginaal kan toetsen. Dus, kon de taxateur in redelijkheid op grond van de regels tot de waarde komen en is hij daarbij zorgvuldig geweest.

Het Tuchtcollege oordeelt dat de taxateur in dit geval op een juiste wijze tot de marktwaarde is gekomen. Ook heeft hij voldoende toegelicht dat er beperkte referenties beschikbaar waren ten tijde van de taxatie. Koopgarantwoningen zijn strikt gezien geen goede referentieobjecten, maar de taxateur heeft aangetoond hoe hij hiermee is omgegaan. Het Tuchtcollege acht deze werkwijze niet in strijd met de regels van NRVT. Dat de onder druk staande markt de verklaring is voor een hogere taxatie enkele maanden later, kan het Tuchtcollege ook volgen.

Dat de taxateur andere opdrachten heeft van de woningcorporatie is onvoldoende om te stellen dat de taxateur afhankelijk is. Ook vindt het Tuchtcollege het terecht dat juist de taxateur in eerste instantie een klacht over zijn rapport zelf afhandelt.

De klacht is daarmee ongegrond.