Ook aan WOZ-taxaties wordt maatschappelijk vertrouwen ontleend

Dossiernummer: 201206
Datum uitspraak: 21 juni 2021

NRVT heeft bij een Register-Taxateur kwaliteitsonderzoek verricht. Zij onderzocht daarbij vier taxatierapporten opgesteld in het kader van de Wet WOZ. Deze taxatierapporten voldoen op een aantal punten niet aan de Praktijkhandreiking WOZ. Zo ontbreekt o.a. een verklaring aangaande objectiviteit en onafhankelijkheid, een toelichting op de referenties, bijzondere uitgangspunten en blijft onduidelijk hoe de inspectie is verricht. De taxateur krijgt beticht dat de rapporten niet voldoen.

De taxateur reageert dat het hier gaat om taxatierapporten die niet hoeven te voldoen aan de eisen van NRVT. Het gaat om WOZ-taxaties die geen betekenis hebben in het maatschappelijk en economisch verkeer. De rapporten zijn volgens de taxateur intern bedoeld.

NRVT ziet dat anders. Ook aan WOZ-taxaties wordt maatschappelijk vertrouwen ontleend. Deze moeten daarom voldoen aan het fundamentele beginsel van zorgvuldigheid en transparantie uit het Reglement Gedrags- en Beroepsregels en aan de Praktijkhandreiking WOZ. Omdat er nog vrijwel geen jurisprudentie bestaat over WOZ-taxaties, vraagt NRVT het tuchtcollege om een berisping en geen zwaardere maatregel.

De taxateur voert onder andere aan dat zijn praktijk heel gebruikelijk is en al tientallen jaren bestaat. Hij betreurt dat er gekozen is voor een klacht en niet voor overleg. Ook stelt de taxateur dat een WOZ-taxatie geen derdenwerking heeft en een intern advies is. De waarde wordt vastgesteld door de heffingsambtenaar, die de waardering uit het rapport naast zich neer kan leggen.

In een latere reactie erkent de taxateur dat zijn rapporten niet voldeden aan de Praktijkhandreiking WOZ. Hij komt hier met een nieuw modelrapport aan tegemoet.

Het tuchtcollege overweegt dat de taxateur zijn rapporten uitdrukkelijk heeft aangeduid als ‘taxatierapporten’. Deze rapporten zijn bedoeld om ingebracht te worden in juridische procedures. Daarmee zijn het geen interne adviezen en is sprake van derdenwerking, zodat hieraan in het maatschappelijk en economisch verkeer vertrouwen wordt ontleend. Zodoende is sprake van een PTD die moet voldoen aan de reglementen van NRVT.

Het tuchtcollege wijst erop dat de Praktijkhandreiking WOZ de mogelijkheid biedt om in de bezwaarfase te volstaan met een taxatieverslag. Als de taxateur zijn rapportage echter aanduidt als ‘taxatierapport’ dient dit te voldoen aan alle eisen van een PTD.

Het tuchtcollege volgt de stellingen van NRVT en verklaart de klacht gegrond.

Omdat op het gebied van WOZ-taxaties de jurisprudentie nog in ontwikkeling is, en gezien de opstelling van verweerder en diens voorstellen tot verbetering, acht het tuchtcollege een berisping een passende maatregel.