Te weinig aandacht voor staat van onderhoud in een gevoelige familiesituatie

Dossiernummer: 22410

Datum uitspraak: Monday 12 September 2022

Er is onenigheid over de verdeling van een nalatenschap, waarvan de woning deel uitmaakt. De advocaten hebben besloten dat een taxatie plaats dient te vinden. Een van de erfgenamen is ontevreden over de uitgevoerde taxatie en dient een klacht in.

De klacht gaat over de houding van de taxateur en de inhoud van het rapport. Klager heeft de taxateur vooraf uitgebreid geïnformeerd over de familiesituatie, toch stelde de taxateur bij de inspectie vragen die tot een ongemakkelijke situatie leidden. Na het uitbrengen van het rapport heeft de taxateur klager beticht van manipulatie en gedreigd contact op te nemen met de advocaat van de wederpartij.

De taxatie betreft een huis waar 65 jaar weinig aan onderhoud is gedaan, maar de taxateur kwalificeert de staat van onderhoud als redelijk. Als onderbouwing wijst hij er alleen op dat de woning fris rook, zodat alles wel in orde zou zijn.

In de vergelijking met referenties is geen rekening gehouden met de staat van onderhoud. Zo is de woning vergeleken met een geheel opgeknapte woning.

Het tuchtcollege oordeelt dat de taxateur in het taxatierapport meer had moeten ingaan op de staat van onderhoud, ook in relatie tot de referenties. Hij had bijvoorbeeld beter moeten uitleggen waarom de bouwkundige staat van deze sterk verouderde woning redelijk was en vergelijkbaar is met twee van de referentieobjecten. Ook kan het tuchtcollege niet volgen hoe de taxateur, gelet op het bouwkundig inspectierapport, tot het oordeel kon komen dat de onderhoudssituatie van de woning redelijk is. Dit rapport was namelijk nog niet beschikbaar ten tijde van de taxatie, maar de situatie was in beide rapporten hetzelfde. Het is, gezien de inhoud van het bouwkundig inspectierapport en de sterk verouderde staat waarin de woning verkeerde, volstrekt onvoldoende geweest om enkel aan de hand van de frisse geur in de woning te concluderen dat alles zou functioneren.

De conclusie van het tuchtcollege is dat de taxateur bij de inspectie en bij het opmaken van het rapport onvoldoende zorgvuldig en transparant te werk is gegaan. Het tuchtcollege overweegt dat juist bij een gevoelige familiaire situatie, waarvan de taxateur op de hoogte was, extra zorgvuldigheid en transparantie geboden is. Ook de beschreven houding van de taxateur – die hij grotendeels niet bestreden heeft – bevestigt dat de taxateur onvoldoende rekening gehouden heeft met de gevoelige situatie, terwijl dat wel van hem verwacht had mogen worden.

De klacht is gedeeltelijk gegrond en de taxateur krijgt een berisping opgelegd.


Terug naar overzicht